Je doet verder kennis op over de gebarentaal op zich zoals over de verschillen tussen gesproken taal en gebarentaal, over gebarensystemen en over regionale varianten binnen de Vlaamse Gebarentaal. Je kan VGT-gebaren, neergeschreven in signwriting, en gevingerspelde woorden lezen.
Je leert o.a. zijn wensen formuleren en vragen naar de wensen van zijn gesprekspartner. Je leert informatie vragen en geven in een vraaggesprek bijvoorbeeld. Je leert bovendien die eigen geproduceerde teksten en boodschappen vastleggen op verschillende informatiedragers.
Je leert signwriting en vingerspelling. De communicatie is zeer kort en eenvoudig en de productie ervan gebeurt aan een laag tempo. Natuurlijk kunnen nog fouten optreden en een gesprekspartner kan uiteraard nog ondersteunen of meehelpen. Je kan het globale onderwerp bepalen en de gedachtegang volgen in een tv-programma in gebarentaal bijvoorbeeld. Je kan relevante gegevens selecteren uit een waarschuwing, een instructie en een reclameboodschap bijvoorbeeld. De aangeboden teksten waar visueel wordt naar geluisterd zijn zeer kort en eenvoudig, worden duidelijk gearticuleerd, worden geproduceerd met een duidelijke mimiek en aan een laag tempo.
Koop geen handboek voor de start van de lessen. Je leerkracht geeft tijdens de eerste les de juiste info.